Archive for the 'Opinie' Category

Over de gang van zaken in het Vlaams Parlement en in het bijzonder over de manier van werken van het vragenuurtje.

Ik diende namens de sp.a-fractie een actuele vraag in over de evolutie op de Vlaamse arbeidsmarkt en dan in het bijzonder in het licht van de sombere voorspellingen van het Planbureau. Deze werd door de voorzitter eenzijdig geweigerd met als argument “bespreking in commissie”. Een blik op de agenda van de commissie werk maakt duidelijk dat dit argument niet lang standhoudt.

Wij willen werkIk ben er nochtans van overtuigd dat het Vlaams Parlement zich dringend en vaker dan vandaag het geval is over de toestand van de arbeidsmarkt zou moeten buigen.

Alsmaar meer Vlamingen zijn op zoek naar een job. Nog meer werknemers vragen zich af of ze in de nabije toekomst nog wel werk zullen hebben. Gezien de economische toestand wordt de stap op de arbeidsmarkt voor een nieuwe generatie schoolverlaters geen sinecure.

Lees de volledige post ‘Over de gang van zaken in het Vlaams Parlement en in het bijzonder over de manier van werken van het vragenuurtje.’

Print

Opinie: open brief aan Europa

Open brief aan Herman Van Rompuy, voorzitter van de Europese Raad, en Karel De Gucht, Europees commissaris voor handel.

Open brief aan EuropaVandaag betogen we samen met de vakbonden voor jobs en voor meer respect voor de werknemers van dit land. We willen uiting geven aan onze oprechte verontwaardiging, zelfs ronduit woede, over de manier waarop arbeiders en bedienden in deze crisis behandeld worden. In al te veel gevallen worden zij met brute arrogantie aan de deur gezet. Zonder veel visie op de toekomst of opleiding; investeringen blijven uit, winst en bonussen staan voorop. Dat is wraakroepend. Dan doet ons bloed koken.

Als de crisis vandaag niet harder en breder toe slaat is dit in de eerste plaats te danken aan ons uniek sociaal zekerheidssysteem. Tijdelijke werkloosheid, overbruggingspremies en werkloosheidsuitkeringen hebben belet dat nog meer mensen pijnlijk geconfronteerd worden met de gevolgen van de diepste crisis sinds de jaren dertig. De georganiseerde solidariteit blijkt de enige dam te zijn tegen een vloedgolf van een collectieve verarming die op zijn beurt nefast zou zijn voor de binnenlandse consumptie. Het sociale systeem redt de economie, doorbreekt de dreigende vicieuze cirkel. Net zoals de solidariteit van de 2.800 AB-INBEV werknemers 263 potentiële ontslagen heeft verhinderd. De solidariteit van de oudere Europese vestigingen met de Opel-werknemers is hartverwarmend. Hun houding staat in schril contrast met de Europese traditie waar de nationale belangen op de eerst plaats komen. Een vacuüm waarin multinationale ondernemingen lijken te kunnen doen wat ze willen. In Europa is het eerder ieder voor zich met 1 grote uitzondering: de Europese vakbonden. Zij weigeren de 265 miljoen euro besparingen op te hoesten die moet dienen om de sluiting van Opel Antwerpen mogelijk te maken.

Mogen wij van de Europese politieke leiders hetzelfde verwachten? GM heeft 2,7 miljard Euro nodig van de lidstaten. Belastinggeld waarvan de GM-directie de intentie heeft om het te gebruiken om een fabriek te sluiten. De politiek lijkt machteloos, maar is vooral willoos. Weigeren de Europese lidstaten net zoals de werknemers belastinggeld op tafel te leggen om deze sluiting te financieren of is het ook elk voor zich? Wij verwachten van de Europese politieke leiders dezelfde consequente houding als van het Europees vakverbond. Wij vragen dat de Europese president Herman Van Rompuy dit vraagstuk agendeert op de volgende Europese Raad.

Moeten we ook geen algemene lessen trekken uit de opeenvolgende herstructureringen in de auto-industrie en elders? De Europese ministers van economie hadden zich voorgenomen om het GM-businessplan te onderzoeken. Bepaalde lidstaten kregen het businessplan, andere niet. Karel De Gucht, Europees Commissaris, stelde zelf dat Europa geen juridische basis heeft om het businessplan op te eisen, laat staan om het te toetsen aan economische en sociale criteria.
De commissarissen leggen nochtans de voorwaarden voor fusies vast om de concurrentie op de markt te vrijwaren.

Als grote multinationals echter gaan herstructureren, komt Europa niet tussen. Dit is een systeem met twee maten en twee gewichten. Wij vragen dus uitdrukkelijk dat er bij transnationale herstructureringen de nodige economische en financiële informatie wordt verschaft en een toetsing plaats vindt naar analogie met de fusie- en overnameregelgeving.
Economisch Europa bestaat, sociaal Europa niet. Met twee concrete voorstellen willen we er een steentje toe bijdragen.
Mogen wij u vragen om van uw voorname en strategische positie gebruik te maken om deze voorstellen op de Europese agenda te plaatsen? Onze steun heeft u alvast.

Mia De Vits – Bart Van Malderen
Vlaams volksvertegenwoordigers sp.a

Print

Willen ondernemers nog werkgevers zijn?

Willen ondernemers nog werkgevers zijn?
Bart Van MalderenDe Belgische overheid spaart kosten noch moeite om de ondernemingen ter wille te zijn, maar toch betalen de werknemers het gelag. Een paar weken geleden interpelleerde het Verbond van Belgische Ondernemingen ons met de (retorische) vraag ‘Wil dit land nog industrie?’.

Vandaag kan men zich de vraag stellen of er in de agenda van de ondernemers nog een plaats is voorzien voor de werknemers. In 24 uur tijd kondigden Opel (2.321), Bayer (70, optie sluiting) en DHL (882) zeer ingrijpende herstructureringen, wie weet, zelfs sluitingen aan.

Het zijn niet de werknemers die verantwoordelijk zijn voor deze herstructureringen. De Belgische werknemers in de industrie en diensten behoren tot de meest productieve en flexibele ter wereld. Door de band zijn ze ook uitstekend opgeleid. We kennen ook een traditie van sociale vrede. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Frankrijk en Italië kennen we amper politieke stakingen. In tal van sectoren werden systemen van loonbevriezing ingevoerd.

Het is ook al te eenvoudig om de verwijtende vinger enkel richting overheid te sturen. Opeenvolgende regeringen spaarden kosten noch moeite om onze bedrijven ter wille te zijn: algemene lastenverlagingen, notionele intrestaftrek, goedkopere overuren en ploegenpremies en een lokaal pact met steden en gemeenten. Sinds het uitbreken van de financiële crisis wordt een nog actievere rol van de overheid gevraagd. En bekomen: via een generieke waarborgregeling en de ad- hocregeling Gigarant legt de Vlaamse overheid miljoenen euro vast. De bankwaarborgen zorgen ervoor dat de kredietstromen naar de bedrijven gegarandeerd blijven op het moment dat de financiële sector gebukt gaat onder risicofobie, aldus twee decennia van onverantwoorde roekeloosheid compenserend.

En toch betalen de werknemers het gelag. Wij zijn uiteraard niet blind voor de economische crisis. De grondstromen van onze economie zoals de globalisering en tertialisering (afbouw industrie, groei dienstensector) werken onverminderd, zelfs versneld door. Er is een zeer breed draagvlak voor een groene, kennisgedreven economie. De industrie heeft daar een essentiële plaats in. Dat spreekt (bijna) niemand tegen.

Mag het in ruil voor zoveel steun en verantwoordelijkheidszin dan ook eens over de honderdduizenden mannen en vrouwen gaan die die bedrijven doen draaien? Arbeiders en bedienden zijn niet alleen een zoveel mogelijk te reduceren kostenpost, maar vormen eerst en vooral het ‘menselijk kapitaal’ van een onderneming en de motor van
onze economie.

Pijnlijke geschiedenis
Mogen we in ruil voor de uitgestoken hand van de overheid en onvertogen werkkracht van de werknemers verwachten dat ons bedrijfsleven ook oog heeft voor een duurzame tewerkstelling? Dat is niet alleen een kwestie van economische en financiële omgevingsfactoren. Het is ook een kwestie van willen. Om politiek strategische, eerder dan economische redenen weigerde de Brusselse haute finance van de jaren 60 om nog langer te investeren in de Waalse zware industrie. Er werd evenmin geld gestopt in reconversie of transitie. Men trok weg en liet een sociaal kerkhof achter.

Beleven we vandaag een Vlaamse versie van deze pijnlijke geschiedenis? Ik heb de stellige indruk dat de crisis aangegrepen wordt om strategische keuzes maatschappelijk aanvaardbaar te maken. En de overheid? Zij mag betalen . met het belastinggeld van de getroffen werknemers.

De overheid moet dan ook niet naïef zijn. In plaats van papieren beloftes zou men in ruil voor steun en subsidiëring spijkerharde garanties inzake werkgelegenheid moeten eisen. Het is ronduit cynisch te noemen dat een bedrijf als Recticel op vrijdag van de Vlaamse regering 1 miljoen euro krijgt voor zijn opleidingsplan op basis van een dossier waarbij tien nieuwe aanwervingen in het vooruitzicht werden gesteld en op dinsdag aankondigt dat het bedrijf 110 mensen zal ontslaan. Zonder berisping, zonder sanctie. In onze regio is de ‘minister van whereabouts’ ook minister van Werk, zijn reactiesnelheid is blijkbaar niet voor alle domeinen gelijk.

Lakmoesproef
Vlaanderen heeft niet langer de budgettaire marge om lukraak subsidies uit te delen. Op het ogenblik dat de beschikbare middelen uiterst schaars zijn, zou de overheid in de eerste plaats projecten moeten steunen die zorgvuldig gekozen maatschappelijke doelen ondersteunen, waaronder tewerkstelling. Maar zeker ook de voor onze economie broodnodige transitie naar een duurzame kenniseconomie.

De door de Vlaamse regering voor het najaar aangekondigde werkgelegenheidsconferentie wordt een lakmoestest. Een budget van 22,5 miljoen euro zal in overleg met de sociale partners concreet worden vastgelegd.

Het engagement van de sociale partners aan de onderhandelingstafel zal vooral op de werkvloer moeten worden gerealiseerd, met name de uitbouw van duurzame tewerkstelling in een wijzigende economie. De werkgeversorganisaties krijgen zo een unieke kans om hun representativiteit te onderstrepen. ‘Ondernemers’ en ‘werkgevers’ zouden dan opnieuw synoniem worden.

Bart Van Malderen

  • Is Vlaams volksvertegenwoordiger voor de sp.a.
  • Stelt vast dat de ondernemers wel steun ontvangen maar niet erg bekommerd zijn om hun werknemers.
  • Stelt dat de overheid in ruil spijkerharde garanties mag eisen inzake duurzame tewerkstelling.
  • De crisis wordt aangegrepen om strategische keuzes maatschappelijk aanvaardbaar te maken.

© De Tijd – 27 november 2009

Print

Een telefoontje van het kabinet

Een telefoontje van het kabinet…

De verbazing, verontwaardiging en woede die door ons land gaat naar aanleiding van de vaudeville die de afgelopen dagen werd opgevoerd is oprecht en terecht. De verleiding is dan groot om alle focus te leggen op dat ene dossier. De analysestukken zullen weken – zo niet maanden- de val van de regering Leterme in alle aspecten belichten. Toch is hier duidelijk meer aan de hand dan de fatale uitschuiver van een Vlaamse King Lear die in panische angst voor zijn politieke dood beroep doet op onkiese methodes. Er zit een methode achter. In de recente reeks dramatische ontwikkelingen zouden we een paar “anekdotes” kunnen vergeten.

Vice-Premier De Wael ontsnapte nipt aan een Leterme-scenario door koppig niet te willen luisteren naar de roep om zijn conclusies te trekken. Aanleiding was het beïnvloeden van selecties bij de politie vanuit het kabinet.

Minister De Crem die dronken een New Yorkse bar op stelten zette vond zijn wraak in het ontslag van de barmeid-blogster die over zijn boemeltocht berichtte, na een telefoontje vanuit – rara – het kabinet… Zelfs voor dergelijke banaliteiten wordt het netwerk rond de politicus aangesproken om in het duister het gelijk te halen dat in het daglicht onbereikbaar is. De hybris van de macht lijkt moeilijk te ontsnappen.

Dit is geen toeval meer. Dit alles maakt deel uit van een systeem. Aan de basis ligt een mentaliteit waarbij men denkt ten allen tijde zijn/haar netwerk te kunnen inroepen om alles te bekomen wat men zich wenst. Dit leidt er toe dat niet wie gelijk heeft, zijn gram haalt maar wel wie over het grootste of sterkste netwerk beschikt. Dit leidt tot een parallel beslissingsproces en tot een onaanvaardbare aantasting van het geloof in de instellingen en de rechtstaat.

Het is opvallend hoeveel mensen deze dagen de vergelijking maken met de ontsnapping van Marc Dutroux. Een positief gevolg van die onzalige dagen is de politiehervorming. Er waren dramatische misstappen nodig  om een breed maatschappelijk draagvlak te bekomen om deze broodnodige maar aartsmoeilijke en vooral ook dure operatie door te voeren. We moeten hopen dat uit deze gitzwarte politieke en economische periode eveneens de lessen worden getrokken om de nodige aanpassingen aan ons bestel door te voeren. Fist things first: het Fortis-kluwen moet ontrafeld en opgelost worden. Er dient een grondige bijsturing te gebeuren van de manier waarop de financiële markten en instellingen werken om herhaling te voorkomen. De economische crisis zullen we te lijf moeten gaan met een combinatie van gerichte investeringen (door de gewesten) en sociaal verantwoorde zuinigheid op het federale vlak, die toelaat om de uitdagingen van de vergrijzing en globalisering aan te kunnen. Maar het is ook aan te raden om de relatie tussen de verschillende machten in ons land eindelijk grondig te bekijken en op pijnpunten bij te sturen. En in het bijzonder deze tussen de uitvoerende en rechterlijke macht. De federale regering is gevallen door ongeoorloofde druk op de rechterlijk macht. Opeenvolgende ministers hebben nagelaten de beschikbare middelen aan te grijpen om geoorloofde – maatschappelijk en institutioneel verantwoorde – druk uit te oefenen op diezelfde gerechtelijk macht. Yves Leterme mag zich één cynische pluim op de hoed steken: door het optreden van hem en zijn regering heeft hij de rechterlijke macht tot in lengte van jaren alle argumenten gegeven om absoluut niets te veranderen. De minste vorm – of poging daartoe – van bijsturing zal immers aangegrepen worden om te verwijzen naar december 2008.  Op deze manier worden transparantie, efficiëntie, prioritisering in functie van maatschappelijke problemen, snelheid van uitvoering, billijke werklast per magistraat, etc. eens te meer taboe-onderwerpen. De sclerose – en het daarmee gepaard gaande wantrouwen in de instellingen – zou tot norm kunnen worden verheven. Tenzij…Tenzij we onze woede omzetten in positieve energie en grote kuis houden in onze instellingen. Ramen en deuren open, stof buiten, licht en lucht binnen. Lenteschoonmaak in de beurs, het justitiepaleis en de 16.

Yes, we can !

Print

Visie ’08. Laat jouw stem horen

Print

1 mei toespraak

Kameraden,

Vandaag staan ABVV, Bond Moyson en sp.a, staat de socialistische beweging meer dan ooit schouder aan schouder. En dat is nodig. We leven in een wereld die er niet eenvoudiger op wordt en datzelfde geldt voor de politiek. Wie begrijpt die mensen nog ?

Sommigen vragen zich zelfs af of het niet allemaal één pot nat geworden is. Of er nog wel een verschil bestaat tussen links en rechts en of dat er nog toe doet.

Sinds 10 juni kunnen we haarfijn vergelijkingen maken tussen een regering waar socialisten inzitten, de Vlaamse, en een regering – of een verzameling ministers – van een bont en blauwe coalitie, waar de sp.a niet inzit.

Lees de volledige post ’1 mei toespraak’

Print

Al meer dan 2000 ondertekenaars!

Deze voormiddag werd de 2000ste handtekening onder de petitie tegen het schrappen van de gratis collectieve vrijwilligersverzekering gezet, en intussen blijven de handtekeningen binnen stromen!

Enkele reacties:

Verenigingen zijn één van de steunpilaren van onze (sociale) samenleving. Neem de vrijwilligers weg en je kan vaarwel zeggen aan alle verenigingen, groot en klein (Karen)

Bedankt Bart oim hier je schouders onder te zetten. De afschaffing zou inderdaad duizenden kleine verenigingen treffen, net zij die het nodig hebben (Maarten)

Vrijwilligers mogen niet ontmoedigd worden!! (Astrid)

Goed bestuur was de slogan van CD&V, hebben jullie geen vrijwilligers meer nodig? (Eddy)

Vrijwilligerswerk maakt deel uit van een goeie basis voor velen die aan de slag willen in de sociale sector. Vrijwilligers zijn overal nodig!!! (Melissa)

Het sociale gaat met deze regering een enorme deuk krijgen. (Remi)

Vrijwilligers moeten verzekerd blijven: zij laten verenigingen draaien en die zorgen voor een warm Vlaanderen en een tegengif tegen vereenzaming. (Hilde)

Een welgemeende ‘bedankt’ alvast aan iedereen die de moeite nam om de petitie te ondertekenen, ik blijf dit dossier van zeer nabij volgen.

Print

Vlaamse economie: de partituur, de dirigent en de instrumenten

Opiniestuk van Bart Van Malderen en Bart Martens, verschenen op 25 januari 2008 in de kranten De Tijd en De Standaard.Vlaamse economie: de partituur, de dirigent en de instrumenten

Vlaamse economie: de partituur, de dirigent en de instrumenten

In kringen van Vlaamse politici en ondernemers wordt in koor gepleit voor meer economische instrumenten voor Vlaanderen. De klemtoon ligt hierbij steevast op de vennootschapsbelasting. Wij laten in dit debat graag een dissonante toon horen.

We onderschrijven met veel enthousiasme dat er nood is aan een doorgedreven beleid dat onze economie voorbereidt op de toekomst. Als we onze welvaart effectief willen vrijwaren, zullen we ook een al te vergaande desindustrialisatie moeten voorkomen. Simultaan zal onze economie efficiënter dienen om te springen met grondstoffen en energie. Vlaanderen zal ongetwijfeld een veelvoud aan instrumenten in stelling moeten brengen om de veerkracht en weerbaarheid van onze economie ten opzichte van buitenlandse concurrentie in tijden van structureel stijgende grondstof- en energieprijzen te versterken. Onze legendarische productiviteit gebaseerd op de flexibele inzet van goedgeschoold personeel aan een zeer hoog arbeidsritme bereikt immers stilaan haar limieten.

Het bedrijfsleven beperkt zich in dit debat steevast tot een pleidooi voor de regionalisering van de vennootschapsbelasting, uiteraard met het oog op een verlaging ervan. De heren Leterme en Peeters sluiten zich graag aan bij dit patronale requisitoir. Beiden willen de beschikbare middelen liever vrij maken voor een lineaire verlaging van de vennootschapsbelasting dan voor de rechtstreekse ondersteuning van bedrijven.

Volgens ons is een dergelijk scenario, los van de politieke en praktische haalbaarheid, niet het meest doeltreffende.

Willen we dat onze economie de nodige meerwaarde zal kunnen blijven opleveren dan zullen we meer moeten inzetten op innovatie, kennis, duurzame technologie, activiteiten verderop in de productieketen,… Kortom door te kunnen concurreren op kwaliteit in plaats van op kosten. Professor Leo Sleuwagen heeft hierover al menig boompje opgezet. Een zo ingrijpende transitie vraagt steun op maat. De kiemen van de innovatiegedreven economie zullen bijna met een druppelteller tot volle wasdom moeten gebracht worden. In plaats van het hele zaaibed te bemesten waardoor ook het onkruid opschiet dat de nieuwere en mooiere plantjes in de schaduw plaatst en hun groei belet.

Nieuwe bedrijven en nieuwe technologieën zijn in hun aanvangsfase vaak niet winstgevend. Ze hebben dus ook niets aan verlaagde vennootschapsbelasting, wel aan specifieke incentives voor “infant industries” om een positie te kunnen uitbouwen in een toekomstige groeisector.

Middelen voor dergelijke gerichte incentives afwenden voor een lineair verlaagde vennootschapsbelasting maakt dat onze economie de boot van nieuwe niches en nieuwe markten dreigt te missen. Kijk naar Duitsland. Daar heeft het voluntaristisch duurzaam beleid 235.000 jobs opgeleverd in de sector van de hernieuwbare energie. Tegen 2020 zal dit oplopen tot 400.000 jobs, waardoor deze sector de belangrijkste werkgever van het land wordt, belangrijker dan de automobielindustrie. Duitse bedrijven zijn vandaag reeds wereldmarktleider geworden in een sector die jaarlijks met “double digits” groeit en die zal blijven groeien door het schaarser en duurder worden van klassieke brandstoffen en door een verdere kostendaling van de alternatieven door innovaties en schaalvergroting.

Een eventuele verlaging van de vennootschapsbelasting is evenmin een oplossing op de langere termijn en roept vragen op over de rechtvaardigheid van ons belastingstelsel.

Kostenconcurrentie en de daar mee gepaard gaande reducties van bedrijfbelastingen roepen immers het beeld op van een hond die achter zijn eigen staart aanloopt. Deze vorm van overheidsoptreden maakt, net als overheidsgestuurde verlagingen van de kostprijs van arbeid, energie of kapitaal, deel uit van een mondiale race to the bottom die we op termijn eenvoudigweg niet kunnen winnen. Er is immers altijd wel een regio te vinden met nog lagere heffingen. Waarom Wallonië niet ? Meestappen in deze redenering leidt in extremis tot een nultarief voor het bedrijfsleven. Hier stelt zich volgens ons een zwaar rechtvaardigheidsprobleem. Arbeid blijft immers onveranderd zwaar belast; de inkomens uit kapitaal, vermogen en bedrijfswinsten veel lager. Om te voorkomen dat bedrijfswinsten een soort “vliegend doel” en de bedrijven via verhuis of transfer pricing hun winsten laten samenkomen in regio’s met lagere of geen belastingen, is juist een Europese harmonisatie naar boven nodig in plaats van verdere versnippering en blinde fiscale concurrentie.

Het transitieproces van een factorgedreven economie en de bijhorende kostenconcurrentie naar een innovatiegedreven economie, vraagt dus andere maatregelen. Onder andere de efficiënte inzet van massaal meer middelen voor onderzoek en ontwikkeling. Waarbij we dan ook nog eens moeten waken over de maatschappelijke valorisatie van deze investeringen onder andere onder de vorm van werkgelegenheid.

Vlaanderen zal keuzes moeten maken: blijven geld toestoppen aan het produceren van basisproducten en halffabricaten aan steeds verder onder druk staande kosten of investeren in meer kennisintensieve en kwalitatieve eindproducten, afgeleide producten en diensten, investeren in mainports of in brainports, in glasvezel of beton,…

Vlaanderen beschikt hiertoe reeds lang over een uitgebreid gamma aan bevoegdheden en initiatieven Blijkt dat deze niet optimaal worden ingezet. Vlaanderen maakt er blijkbaar een zootje van, een kakofonie. Het ondertussen vaak aangehaalde rapport Soete plaatst alvast ernstige kanttekeningen bij het Vlaams economisch beleid: provincialistisch, niet afgesteld op alle actoren van het terrein, te weinig focus, te weinig resultaatgericht…

Is het dan niet eerder aangewezen om werk te maken van een gedragen lange termijnvisie die haar concrete en krachtdadige vertaling vindt in complementaire beleidsdomeinen en maatregelen? Een beleid ook dat ondersteuning laat afhangen van concrete engagementen en zich laat afrekenen op de maatschappelijke valorisatie.

Ons land heeft zeker nood aan een nieuwe institutionele architectuur. Al was het maar om de klassieke (uitkeringen, vervangingsinkomens…) en nieuwe (opbouw van menselijk en sociaal kapitaal) sociale uitdagingen in te vullen. Maar een regionalisering van de vennootschapsbelasting past niet in dat plaatje. Voor een toekomstgericht en duurzaam technologisch en innovatiebeleid heeft Vlaanderen de instrumenten, maar we ontberen vooralsnog een partituur en een trefzekere dirigent.

Bart Martens – Bart Van Malderen
Vlaamse Volksvertegenwoordigers

Print



Over

Welkom op de website van Bart Van Malderen, Vlaams Parlementslid en schepen in Dendermonde voor sp.a